Pauline

Het is alweer een tijdje geleden dat je nieuws kreeg vanuit het Kisantufront.
We zijn vandaag onze laatste week ingegaan en het werd dus tijd om eens wat leuk nieuws te brengen. Dus vandaag beperk ik mij tot de leuke dingen van de vorige dagen.

Regelmatig krijgen we in het kloostertje bezoek van kinderen, al of niet vergezeld van een van hun ouders. Het zijn kinderen die Zr Cecile kent vanuit het ziekenhuis of vanuit het armenvoedselbedeling. We stelden voor om voor deze kinderen eventueel ook in het kader van de scholierensponsorring een sponsor te zoeken in Belgie.
Zo zijn Vycky en Esperence (je weet nog wel de Esperance van de malariamedicatie de ze niet hadden in de pediatrie) nu regelmatige verschijningen. Als ze ziekjes waren zagen we stille beschaamde verschijningen. Nu ze weer beter zijn springen ze lachend rond en van zodra we toekomen moet iedereen een knuffel van hen krijgen. Esperence is een weeskind dat eerst bij haar oom werd opgevangen en raakte door een achterstellende houding van die oom ondervoed. Nu is ze bij een tante en gaat het iets beter. Het geeft ons warmte aan het hart om de opgewektheid van deze kinderen te zien.

We gingen ook op bezoek bij rafael (een ex werknemer van het klooster) die 5 kinderen heeft en in een armtierige woonst woont een beetje verder. Hij had ons uitgenodigd toen we voorbijkwamen in de straat. Ik bespaar u de woonomstandigheden, om mijn beginzin van de blog vandaag niet te negeren.
We werden hartelijk onthaald op het erf en waren meteen omringd door de kinderen voor wie we enige kinderkledij meehadden uit onze bagage. Broer en zus vochten bijna voor de schoenen van Robbe (kleinzoon van jef en gerda), die zus (al waren ze toch wel enkele maatjes te groot) direct aan haar voeten stak en er paardetrots mee rondliep. De kleinsten overwonnen na een tijdje hun schaamte en konden niet laten van met hun vingertjes en later met hun handen te wrijven over de harige benen van jef. Die huid ziet er ook zo anders uit hé…In een grote kookpot op een open houtvuur op het erf stond de maaltijd voor de volgende dagen: “des chicoins” dit zijn in bladeren gedraaide maniokdeegballen die ze dan koken en die hier vaak worden gegeten. Het ziet eruit als puree maar het ligt verschrikkelijk zwaar op de maag (wat zou anders de reden zijn waarom dit hier wordt gegeten?)

In het kloostertje worden we qua eten werkelijk verwend als je de dagdagelijkse kost van de gewone mensen ziet. Vooral de overvloed en superlekker fruit is niet te versmaden, maar zelfs frieten en spaghetti bolognese besparen ze ons niet.

Zaterdag gingen jef en ik naar de boerderij van het klooster om er dan eindelijk dat nieuwe slot in de deur te steken. Jef slaagde erin om de deur ook wat op te knappen met een lekje verf op de meest verweerde plekken en dus waren wij en zij tevreden met ons werk. Toen we nog een wandeling in het veld maakten riepen de buren ons dat ze pas een geitje hadden geslacht; of we dan niet een stukje wilden kopen…
De aankoop van dat stuk geitevlees was een spektakel op zich. Zuster Nicole, de commercante van het groepje zusters onderhandelde zo hard over de prijs., zeker 5 minuten werd lachend en discussierend de prijzen afgewogen. Het geitje lag versneden op de grond van het erf op een pak bladeren. Het werd verkapt met een machete waar men ook het gras mee afkapt en ik weet niet welke andere werken mee doet. Reiniging zie ik hier weinig gebeuren.Op de voedselhygiene moet je hier zeker niet al te veel letten… Na een tijdje liep zuster Nicole trots met haar zak vlees…. ze had het bekomen aan haar prijs. De manier hoe zal wel kongolees zijn zeker en vertellen we later wel nog eens, maar vandaag lag de geit op ons bord…..

( volgende alinea moeten Gaja-aanhangers maar overslaan)
Een merkwaardige vraag van Zr Cecile: De eenden zijn slachtrijp, zijzelf kan geen beestje kwaad doen, dus vroeg ze aarzelend of wij het niet zagen zitten om 6 eenden kopje kleiner te maken en te pluimen. Jef zag het van dat kopje wel zitten en gezamenlijk waren we een volle voormiddag zoet met het pluimen en dan opnieuw reinigen ( door jef opnieuw) van de buikinhoud. Een karwei die we wat onderschat hadden maar enfin ze zitten proper en wel in de diepvries.

Vandaag trokken we ook op scholenbezoek en konden we weer enkele kinderen fotograferen. Ze begrepen dat we die foto’s bezorgden aan hun sponsors in Belgie en poseerden heel trots als modellen. Het zijn momenteel examens en overal in de straten zie je grotere meisjes en jongens zitten in het gras, tegen een boom onder een struik in de schaduw , met hun cursus om te studeren. Men studeert hier dus niet thuis want een bureau is hier alleen voor de hele rijken. Neen buiten, langs de straat en op het grasveld van het ziekenhuis ( onze directe buren zijn een verpleegsterschool)

Gerda heeft dan toch uiteindelijk een naaimachine ter beschikking die (grotendeels) werkt. Je mag niet te nauw kijken naar de afwerking (ligt niet aan gerda hoor…)maar ze slaagde er al vorige week in om nieuwe gordijenen voor de kamers van de zuster te naaien met een alsmaar blokkerende machine. Nu hadden we de machine gisteren meegenomen naar het moederklooster van Zr Berline, en daar toonde een medezuster hoe je de draad kon in de machine weven. en wonder boven wonder ze werkt nu. Gerda heeft zich vandaag dus de hele dag aan naaiwerk kunnen wijden, en de zusters zijn overblij met het zo mooie resultaat.

En zondag was het mijn verjaardag. Sedert ze dat wisten waren de zusters enthoesiast om die dag een speciale dag te maken. Ze zouden een cadeautje voorbereiden, zingen en dansen voor mijn verjaardag. En inderdaad s’morgens hadden ze mijn plaats aan tafel versierd. Overdag hadden we met ons 4 gepland om als bedanking van de zusters te tracteren met een middagmaal in het restaurant van de “jardin botanique” Dit is een stuk overgebleven bos op de rand van de rivier , waar een Italiaanse rijke dame een botanische verzameling van bomen, planten en bloemen heeft verzameld.Nu is het eigendom van de kongolese staat maar is het blijkbaar een atractie die vrij vaak door de rijkeren vanuit Kinshasa wordt bezocht.

Het eten was er lekker en toch redelijk betaalbaar ( we betaalden maar 10€ pêr person voor eten en drinken). De wandeling in het bos en de tuinen was echter niet te versmaden. Prachtige exotische bloemen, bomen met kleurijke stammen, reusachtige bomen.In een paar kooien waren ook enkele dieren geetaleerd.
Bij de terugkomst s’avonds presenteerden de zusters dan hun heus dansje en lied begeleid op de tamtam door Emilienne.

Het leukste kadoo kregen we pas 2 dagen later… We vertelden je reeds dat we af en toe eens een pintje gingen gaan drinken bij een vrouw die Jef en Gerda al kenden van hun vorig bezoek. (Een cafeetje is een zeer ruim begrip hier… als je je aanmeldt sleuren ze vlug, tafel, stoelen en tafelkleed naar buiten om naar het winkeltje vervolgens het bier te gaan halen)
Het was er telkens gezellig zitten. De “waardin” een hoogzwangere vrouw die voor vroedvrouw studeerde maar geen werk vond, en dus maar winkeltje en café uitbaat, kwam gezellig bij ons zitten en vertelde dat haar eerste kindje binnenkort zou komen. Al gekkend hadden we gezegd dat 9 februari de beste dag was om geboren te worden aangezien ik dan verjaarde…. Verder gekkend hadden we gezegd dat ze , indien het op die dag gebeurde, ze het kind naar mij, hetzij “Pauline” moest noemen….
Vandaag kwam een apetrotse vader ons meedelen dat zijn vrouw was bevallen……… op zondag 9 februarie en ze hadden het kindje “Pauline” genoemd.
We zijn onmiddelijk naar de materniteit getrokken om moeder en kind op te zoeken. Toch wel telkens een wonder gebeuren, zo’n pasgeboren baby en nog meer als het “Pauline” heet……………

Magere Hein

Als er iemand is die hier zeer zichtbaar zijn aanwezigheid toont dan is het wel de man met de zeis…
Zeker als je zo dicht bij het ziekenhuis woont dan kan je zijn werk moeilijk negeren. Er gaat geen dag of nacht voorbij dat je komende van de ingangspoort van het ziekenhuis een luid gekrijs hoort, die dan weergeeft dat er iemand gestorven is. Emoties worden hier zeer uitvoerig en uitwendig getoond. Dat is zo als het rond blijdschap gaat maar dat is zeker zo als het rond verdriet gaat . Minutenlang gekrijs is tot in de verte hoorbaar.

Maar ook bij de merkwaardige uitvaartrituelen kan je moeilijk naast(-kijken-horen). Als iemand uit het mortuarium van het ziekenhuis wordt weggedragen dan gaat dat gepaard met een merkwaardige stoet. Enerzijds de dragers, gevolgd door terug de krijsende naasten die zich soms in bedwelming op de grond laten vallen. Dit wordt dan weer gevolgd door een fanfare die daarbij een niet bepaald triestig liedje laat horen maar eerder een vrolijke melodie ten beste brengt (in onze oren dan toch). Daarop volgt een joelende groep mensen die eenmaal de kist in een auto of camion is geduwd, joelend een volgauto of meerdere volgauto’s tot op het dak bevolken.
Dit alles rijdt naar een soort gemeenschapszaal waar dan blijkbaar de hele nacht weerom niet zo’n onvrolijke muziek uit de luidsprekers wordt vrijgegeven. Menige nacht werden we wakker waarop we ons afvroegen of er in de buurt een feestje was geweest , waar het dan een begrafenis bleek te zijn….
Maar ook in de straten is in elk dorp zowat om de 50 meter een begrafenisondernemer die zijn vaak barok geornamenteerde kisten mooi in de “vitrine” etaleert en we zagen er zelfs eentje die op zijn gevel omschreef dat de fanfare daar kan worden gehuurd. Vaak zie je ook dat schrijnwerkers naast de meubelstukken buiten op straat een lijkkist zijn aan het afwerken.
Ook als je hier door de brousse rondrijdt en die schamele hutten met hun strodak voorbijrijdt is er telkens ook een begraafplaats. En dan lijkt het vaak alsof de doden beter onderkomen krijgen dan de levenden. Opzichtige grafstenen zijn opvallend aanwezig. Ik zag eens in een reportage dat een begrafenis hier in congo zeer veel kost maar als je dat alles ziet dan kan ik het wel geloven.

Maar gelukkig toen we gisteren een nogal avontuurlijke tocht met de jeep deden naar een grote viskwekerij die je gerust bijna industrieel kan noemen (het initiatief van een waal), dan was magere hein gelukkig niet meer bij ons. De kwekerij ligt op ongeveer 40 km afstand diep verscholen achter de heuvels en dalen rond Kisantu. De weg ernaartoe was gewoon te vergelijken met een rodeoterrein. Smalle broessewegen met soms 70cm diepe kloven midden de weg, modderbaden van 20 meter breed. We werden deskundig door elkaar gerammeld over de 3 uur durende tocht waar je ook over brugjes rijdt waarvan je liefst je ogen sluit om het gevaar dan maar niet te zien. Eentje zag er zo lamentabel uit (2 ijzeren balken over de rivier, met daarover gekruist een 5tal stammetjes met in de rijzichting dan weer 2 metalen golfplaten). We drukten – toen de chauffeur was gaan kijken hoe hij die kloof zou overbruggen – dan toch maar de wens uit om de auto tijdens die overtocht te verlaten (je moet magere Hein hier nu ook niet uitdagen hé). We reden ons ook 2 keer vast in de modder (ondanks onze ijzersterke 4×4). Maar geen nood onmiddellijk zijn daar een groep congolezen die met veel kabaal, gediscussieer en kracht (tegen een fooi uiteraard) de wagen weer op het droge helpen. Al hadden we dan toch de indruk dat de grootste modderputten vaak juist voor of juist achter zo’n dorpje te vinden waren, mogelijks om de dorpelingen af en toe van een fooi te voorzien….)
Wie magere hein wel te pakken kreeg waren meer dan de helft van onze visjes die we meehadden, die het (met de hitte, de zon en de stress van het heen en weer slingeren op de weg)niet hadden overleefd toen we aan de visvijvers van de ferme aankwamen. Een triest zicht dat er van die 2000 vissen die veelbelovend zouden gekweekt worden door de zusters, en waar we 6 uur lang voor hadden “gereden”, zeker meer dan de helft aan de oppervlakte dreven…Gelukkig een telefoontje naar die firma was hoopgevend, ze zouden die 1000 vissen later compenseren en zelf dichter naar Kisantu brengen.

Vandaag zijn we dan eindelijk op bezoek gegaan in een aantal scholen hier in het dorp dicht bij het klooster. We kregen een indruk van hoe de scholen hier werken en konden ook een aantal van de gesponserde kinderen fotograferen voor de sponsorouders, als ze tenminste aanwezig waren in school. Het is immers zo dat scholen zich opdelen zodat een deel in de voormiddag en een ander deel pas in de namiddag naar school komt. Zeker in het lager onderwijs zitten de klassen dan nog zo overvol dat ze naast de banken achteraan ook nog eens minstens evenveel kinderen op de grond tot onder het bord moeten plaatsnemen. Hier ook een onderscheid tussen de scholen hier dan toch wel beschikken over een aantal schoolboeken in franse taal,wiskunde , aardrijkskunde,… waar we in de school in Nselo helemaal geen boeken zagen en waar ze ook smeken om schoolboeken.

Och er is hier zoveel te beleven dat je er uren zou kunnen over vertellen, maar me moeten ook nog iets houden voor als we thuiskomen zeker….

Wat een attractieve uitstap N’ Selo

vroeg in de morgen staan we vertrekkensklaar , het lukt ons om 8:10 te vertrekken maar eerst gasoil tanken. Voor essence betaalt je 2230 FC en mazout 2240 FC (frank Congolais) Dit is ongeveer zo veel als bij ons 1 euro in ongeveer 1800 FC Zo wordt het dan toch 8:30 tegen dat we definitief weg zijn. De weg verloopt door Nkandu , Geba en Lemfu. Daar slaan we links af de brousse in. Hier worden we nog meer door elkaar geschud. Wij zitten op de achterbanken van een Jeep Toyota waar geen gordels zijn en waar je moet vasthouden aan de onderkant van de banken. De grote baan was al op vele plaatsen door erosie moeilijk bereidbaar. Onze chauffeur is een handige kerel en loodst ons overal door.
Na 2 uren komen we aan een eerste school een lager school in N’Selo We zijn blij dat we eens onze benen kunnen rekken. De 2 eerste leerjaren zitten op die plaats.
De klaslokalen zijn overbevolkt. Er zijn heel veel leerlingen in die school . Alles samen 400.Na de leerkrachten en de leerlingen begroet te hebben gaan we naar de plaats waar de rest van de leerlingen zitten. We bezoeken de klassen en zien welke les vandaag geven wordt. In een klas waren ze bezig met de provincies van Congo te leren.

We rijden wat verder en komen aan aan het huis van de parochie. Hier stappen we definitief uit om een rondleiding te krijgen van de beide priesters. We maakten kennis met de bakker en bakkerij. Hij is bezig met brood te bakken. Het ruikt lekker.
Nu stappen we richting het middelbaar We maken kennis met Abbe Julien, een vriendelijke man. Hij vertelt ons dat men alle richtingen kan volgen in deze school. Tot zelfs opleiding voor tuinman. Daar aangekomen zien we al onmiddelijk dat er heel wat verwezenlijkt is sedert 2017.

De afgesproken slaapzaal staat er, de lokalen die ze toen maakten zijn afgewerkt en in gebruik. Er is ook een nieuw secretariaat gebouwd die wel is waar nog moet afgewerkt worden. Alles vormt een mooi geheel. We beginnen met het secretariaat en zien dat dit goed gepland is, daarna gaan we naar het gedeelte waar de slaapzalen staan. Daar is ook een lokaal bijgebouwd voor de surveilance en een lokaal voor informatica.
We vernemen dat de meisjes die slaapzaal zullen innemen en de jongens gaan naar de vorige slaapzaal van de meisjes. Ook hier moet het gebouw nog afgewerkt worden voor ze het kunnen gebruiken, maar de materialen zijn aangekocht. We bezoeken nu de nieuwe klaslokalen. Daar zijn momenteel examens, wie gedaan heeft mag de klas verlaten. In 2017 hadden ze nog geen studenten van het 5de en 6de middelbaar. De school was toen in opbouw.
Nu hebben ze 400 leerlingen.
De directeur van de school roept iedereen die buiten is bijeen en vertelt wie we zijn en wat we komen doen. daarna wordt er een gezamelijke foto getrokken. Nu op bezoek aan de slaapruimten van de jongens die voorlopig in een lokaal van de parochie slapen. Het is gelukkig voorlopig, te klein voor 40 jongens. Maar de oplossing is nabij.

Als de nieuwe slaapruimten afgewerkt zijn kunnen ze verhuizen naar de slaapruimten van de meisjes. We vertrekken naar school primair. Daar stellen we vast dat daar ook gerenoveerd wordt door een duitse groep Er zijn heel veel leerlingen daar, 600 en de helft van de leerlingen krijgt les in de voormiddag de ander helft in de namiddag.

Vervolgens gaan we naar het project van de dispensair. Men zou graag een dispensair inrichten voor de kinderen van de school en de lokale bevolking. Bij ziekte is het vervoer van zieken zeer moeilijk s’avonds en in het wekend naar het dichtsbij gelegen dispensair. Het gebouw is er ter beschikking maar moet gerenoveerd en aangepast worden. Wij hebben bij de gemeente Jabbeke dit project ingediend en hebben een bedrag gekregen die onmiddelijk kan gebruikt worden. We engageren ons om de rest van de kosten ook te dragen.

Vervolgens gaan we naar parochiekerk die ook aan herstelling toe is. Het is een grote kerk en in het wekend zit die volledig vol voor de mis. Naast de kerk staat een beeld van Maria, het is recent en steekt af ten opzichte van de kerk. Na een bezoek aan het klooster van de zusters notre dame van Luik wordt het tijd voor de pick nick. De broodjes van de bakkerij zijn zeer lekker en alles wordt samen gedeeld.
de terugtocht kan beginnen ,liefst niet te lang meer wachten want er staat ons een regenbui te wachten . Nog wat uitwisselen van materiaal voor de school o.a. stylo’s ,kalenders,notaboekjes … en voor het dispensarium: bloeddrukmeters, werkkledij voor de verpleegsters, steriele handschoenen…Wij worden verwent met een grote zak avocado’s .
Allen instappen en wegwezen langs dezelfde hobbelige weg, onderweg wat gedruppel als voorbode en verwittiging om door te rijden, juist op tijd thuis voor de grote regenvlaag en tijd genoeg om nog eens rustig alles te overlopen en duidelijke plannen en afspraken te maken voor de toekomst.

Terug naar “buiten”

Het is zondag vandaag…

Ik heb zo de indruk dat we ons na de eerste harde indrukken begin deze week wat terugplooiden in de oase van het kloostertje, ons bewust verliezend in practische taken zoals deuren herstellen, schilderen, naaien en berging ordenen.

Halfweg de week waagden we ons stilaan weer beetje bij beetje aan die chaotische buitenwereld hier: de vergadering met de aidspatienten van Zr Cecile, de boerderij, het ziekenhuis, een wandeling naar het dorp dichtbij en een drankje nuttigen in een plaatselijk “café” en gisteren bezoek aan het groot seminarie (ongeveer 10 km van hier in de busch), de misviering in de parochiekerk vandaag en te voet naar het centrum van kisantu (10 km heen en terug)

Ik geef dan maar zonder volgorde enkele impressies van deze laatste dagen ervaring “buiten”….

De zondagsmis hier in de parochie is een waar evenement voor ons westerlingen en duurt 2h30min….

Deze viering barst van de levensenergie die deze mensen hun levensomstandigheden toch wel uitstralen; het spiegelt zich in alles wat er in deze viering wordt gedaan. De mensen zijn op hun zondagse paasbest gekleed en dat geeft in de volle kerk een kleurenorgie van schoeisel, tot kleren tot haartooi en hoofddeksels. De diversiteit is niet te omschrijven van sjieke channelpakjes tot afrikaanse lange kleden met allerlei (christelijke) slogans en heiligenbeeltenissen.
Vooraan staat een koor begeleid door tamtam en de typische (ietwat jengelende) afrikaanse gitaarsound. Het muzikaal ensemble brengt bewonderenswaardige mooie afrikaanse liederen met een ophitsende ritmiek met af en toe tussendoor hoge ritmische vrouwenkreten. Gewoon schitterend, je waant je op een festival van “pole pole” (is in het kikongo-de plaatselijke taal-” rustig -rustig”).
De muziek wordt in de kerk meegezongen en met handgeklap vergezeld. Op het koor rond het altaar vooraan gaan een 10 tal misdienaars ritmisch meedansen en zelfs de priester doet een danspas mee als hij het wierookvat enthousiast rondzwaait.
Op een gegeven moment gaat de priester rond in heel de kerk (zo’n 5 minuten lang denk ik) met de kwispel en worden alle inzittenden overvloedig besprenkeld, zo overvloedig dat er op 10 meter volgend op hem een oudere dame met trekker en dweil de gangen droogdweilt……
De geldinzameling doet dan weer de wenkbrauwen fronsen…. een voor een worden alle wijken van de parochie opgeroepen en wordt in een voor elke groep afzonderlijke mand de gulle gaven gedeponeerd (die blijkbaar bedoeld zijn als loon voor de parochiepriester). Wij worden aangemaand te wachten tot op het allerlaatste een mand voor de niet inwoners (voor het overgrote deel wij 4 blanken dus ) wordt weerhouden. De “clou” volgt op het einde van de mis als iedere groep met zijn bedrag wordt afgeroepen……..
Al bij al is het echter een aangenaam gebeuren dat ondanks de duur niet tegensteekt.

Kerk en clerus doen hier bij dit alles sterk denken aan de positie die de kerk en zijn clerus nog hadden zo’n 80 jaar geleden. De priesters die we zagen en ontmoetten  staan op een hoge status en hebben daarnaast nog een belangrijke functie in de burgelijke wereld. Sommige zijn ook nog advokaat bijvoorbeeld, of de ziekenhuisdirecteur hier bijvoorbeeld. Het is dus helemaal niet te vergelijken met de klerus bij ons die in feite meestal zijn hoge status zijn verloren en dichter bij het volk leven. Kloosterlingen vervullen hier misschien veel meer een sociale taak en zeker als ik denk aan de super eenvoudige levensstijl die onze zuster Cecile erop nahoudt.

De verouderde houdig van die klerus is mogelijk begrijpelijk als je het groot siminarie hier bezocht hebt.

Het is een immens groot koloniaal gebouw uit 1930 midden in de brousse. nu nog zijn er 120 seminaristen (ja die kerk is hier nog een bloeiende bezigheid). Het gebouw is echter ten prooi aan verval, de plafonds deels ingevallen, er is maar in een deel electriciteit van zonnepanelen, voor de rest werd er al jaren een electriciteitsgroep gepland: alles daarvoor is geleverd en ligt te roesten buiten in het gras…. De waterpomp heeft het begeven en dus is er geen waterleiding meer en moet men het water met emmers ronddragen (wat ons een hilarische ervaring deed opdoen die ik misschien verderop kan vertellen). Vol trots wordt ons de bibliotheek getoond , immens groot en volgestowd met boeken….. grotendeel uit de jaren 30 tot 50 van de vorige eeuw. Er zit zelfs een sectie vlaamse boeken tussen waaronder Stijn streuvels…… van recente moderne teologie of filosofie geen spoor gezien…dus in welke stijl worden deze priesters opgeleid?????
Op de grote binnenkoer werd het westerse mariabeeld vervangen door een modern beeld van een afrikaanse moeder met kind (schijnt onder invloed van mobutu’s afrikanisering te zijn gebeurd). Deze moeder noemen ze echter geen “maria”….. maar “de afrikaanse mama”

Op het einde van de toer moeten we met 2 toch wel efkens een grote behoefte doen…. grote consternatie…waar kan dat gebeuren Een seminarist wordt inderhaast opgeroepen en begeleidt ons beiden naar een zaal met slaapkamer (vermoedelijk van een van de professoren) waar een douche en westers toilet staat. Alleen de spoeling doet het niet . De seminarist zegt doodgemoedereerd dat er een emmer naast staat maar die…..is leeg.”a la guerre comme al la guerre”hebben we dan maar gedacht en gezien de hoge nood… dan maar na elkaar gaan zeker. hij zal wel alles reinigen nadien zegt hij. papier blijkt echter ook niet voorhanden…… leuke afrikaanse ervaring. Hoe die 120 seminaristen het doen als hun nood hoog is hebben we dan maar niet gevraagd.

Een laatste impressie bij de groepsconsultatie en vergadering met de aidspatienten. Een hoopgevende ervaring , initiatief van de zuster waarbij zij educatie geeft over de medicatie en de nodige voeding. Ze worden gemeten en gewogen en dat geeft een indicatie over ondervoeding waardoor de medicatie slecht werkt. De ondervoeden en de zogende mama’s krijgen een extra portie melkpoeder en suikerriet en maismeel. Er is een vrouw bij die al lang aids heeft en de mama’s in de materniteit opzoekt om hen ook te motiveren om met de ziekte om te gaan en vooral dagelijks medicatie te nemen en het taboe (ze worden vaak verstoten) te doorbreken. Alle instructies worden door een andere vrouw vertaald in het kikongo. Een hoopgevende ervaring in deze triestige omwereld.

Ik zou nog 10 tallen verhalen kunnen vertellen over ons restaurantbezoek vandaag, het cafeetje in het dorp, de zusters hier enz maar dat is voor later….

op naar het weekend en planning voor volgende week

Nawoordje van jp bij vorige blogdag:
Van de Leuvense prof. die hier op inpectiebezoek is in het ziekenhuis vernamen we de volgende bedroevende cijfers:
Van alle kinderen opgenomen in dit ziekenhuis in kisantu stierven er in 2017:9% ,in 2018:11% en vorig jaar 14% . Het is een duizelingwekkend groeiend cijfer (van de 230 momenteel opgenomen kinderen zouden er dus zo’n 30 sterven!!! grote oorzaak zou de toenemende ondervoeding zijn en het te laat naar het ziekenhuis komen (om financiele redenen???)
De nacht na het verhaal van het dode kind… onweerde het en dacht ik: hoe zouden die 100 mama’s en kinderen die buiten liggen nu schuilplaats vinden…

Maar genooeg van deze mare… ik laat het woord aan jef en gerda om dit keer de blog te spijzen over de volgende dagen.

Donderdag 30 januari was voor ons een belangrijke dag. Een dag om afspraken te maken over het bezoek van scholen in Kisantu en de school N’ Selo die wij financieel steunen. De afspraak met Abbe Patrick , over de school N’Selo, verliep zeer vlot. Maandagmorgen vertrekken we in alle vroegte, we zorgen dat er pick nick mee is en Abbe Patrick zal de weg tonen aan onze chauffeur. Het is niet zo ver 40 km in de brousse en een zandweg. Gegarandeerd zullen we eens vast zitten onderweg.
Onze 2de afspraak met Nestor verloopt wat moeilijker. Er zijn al verschillende leerlingen die gesponsord zijn waar Nestor zelf een foto heeft van getrokken.
We spreken af om volgende week de scholen te bezoeken zodat we de resterende foto’s kunnen trekken.

Vrijdag 31 januari wordt alles in gereedheid gebracht om de bedeling van aids patienten te organiseren. Melk, maismeel en suiker worden afgewogen. In de namiddag is de bedeling in een lokaal waar een 23 tal mensen kunnen samen zitten. De verantwoordelijke legt uit waarom een degelijke voeding belangrijk is.
De medicatie werkt het best bij de mensen die niet ondervoed zijn. Iedereen wordt gewogen en de grootte van de persoon wordt opgeschreven. Na afloop stellen we vast dat er maar 7 mensen van 23 voldoende gevoed zijn en dat het zeker nodig is daar tot vervelens toe te herhalen hoe belangrijk dit is. Daarna besluiten we een wandeling te doen naar een kwartierwinkeltje dat we in 2017 hebben leren kennen. De vrouw herkende direct Gerda en Jef. Ze was blij ons weer te zien. Aan dit winkeltje kon je een visje en vele granen kopen. Ook kon je daar een primus drinken die goed fris was. Ditmaal moest ze drank halen bij de buren en de winkel was momenteel gesloten omdat de vrouw haar eerste kindje verwacht voor heel binnenkort. Dit was een aangename verpozing, we kregen animatie van heel wat kinderen uit de buurt die toch wel eens op een foto wilden staan en er de nodige animatie tamtam rond maakten, zoveel blanken zien ze niet en dat is al een atractie voor hen.

zaterdag 1 februari wuiven we de mensen van Limos uit. We hebben van hen heel wat interessante info gekregen zomaar tijdens gesprekken aan tafel. Zij vertrekken in alle vroegte( om 8:00) naar Kinshasa. Het wordt voor hen een lange dag van veel wachten.
Er word gepland om naar de ferme te trekken, groenten en fruit ophalen en Jean Paul en Jef hadden daar van een deur het cilinderslot vervangen.Toch zijn er nog problemen met het slot. Gewapend met het nodige materiaal bekijken we het aan alle kanten: los doen, olien een veer aanspannen is onvoldoende om het slot te herstellen.We geven het op en besluiten dat er een nieuw slot moet ingepast worden. Zozie je maar zo lang mogelijk zoeken naar een oplossing , besluit: het slot is versleten , dus er moet een nieuw in. Een volgende keer dus.
De namiddag wordt gevuld met een bezoek aan het seminarie in Kisantu.
Een zeer imposant gebouw waar een 120 seminaristen wonen,een zeer grote bibliotheek die heel wat boeken heeft van de kolonisatietijd, iets wegwerpen staat niet zo direct in hun programma.
De rest van de dag houden we het rustig, het is trouwens weekend .

Zuster Cecile….

Inmiddels zijn we al woensdag en beginnen we zo stilletjesaan onze draai te vinden in dit kloostertje. We maken steeds beter kennis met de vaste bewoners (de 3 zwarte zusters en zuster Cecile) en het personeel (ik vermoed zo’n 10 tal medewerkers) Nu en dan vernemen we, en ondervinden we ook meer van hoe deze gemeenschap samenleeft en zich verhoudt met de buitenwereld (vooral het ziekenhuis en hun werk op het veld en op de boerderij)
Het veld en de boerderij die we vorige week bezochten voorziet hen in veel voedingsmiddelen en wat over is wordt ook voor een groot deel voor de voedselbedelingen gebruikt. Ze hebben daarnaast een vrij groot aantal kamers over die als gastenkamers worden verhuurd aan de vele buitenlandse bezoekers van het ziekenhuis. Dit inkomen biedt hen dan weer de mogelijkheid om samen met giften uit het buitenland in de noden van zowel klooster als armen die ze in ziekenhuis en dorpsgemeenschap ontmoeten, te voorzien.

Het kloostertje onderging de laatste tien jaar een ware aderlating aan medezusters. tussen 2013 en 2018 is het aantal blanke zusters gereduceerd van 5 naar 1, en zijn er in de plaats een aantal zwarte zusters in de gemeenschap komen leven.
Zoals ik al eerder beschreef is organisatie niet de sterkste kant van de lokale bevolking, inclusief vermoedelijk ook de plaatselijke zusters. Wat gestuurd en georganiseerd werd door die 5 zusters is voornamelijk op Zuster Cecile komen te liggen. Langzaam nemen de andere zusters een aantal deeltaken ook op zoals de sturing van het personeel( wat niet zo slecht is dat dit door een zwarte medezuster wordt gedaan) de controle van de activiteiten op de boerderij, één zuster is ook actief als verpleegkundige in het ziekenhuis.

Zr Cecile is in dit alles een hyperkynetisch wonder, zij springt van het een naar het ander, veert van de minste vraag recht om iedereen te helpen, pakt zelf heel veel aan van het practische werk . Daarnaast heeft ze haar volle taak met de consultaties en begeleiding van de diabetespatienten in het ziekenhuis en de begeleiding , vorming en ondersteuning van de aids en tbc patienten in de omgeving. Ze is werkelijk de hele dag actief en toont daarin zoveel zachte liefde voor de armste en meest zieke mensen, met een immens geduld. Vaak ontsnapt haar een bittere of ontgoochelde opmerking over de evolutie van de armoede en samenleving (de deskundigheid van het personeel in het ziekenhuis is voor haar een zeer groot pijnpunt).
Maar onmiddellijk na die opmerking zie je dat ze met hetzelfde geduld verder werkt en zonder verpozen springt om de noden onder haar ogen waar ze kan te lenigen. Dit geeft een schril contrast met de soms letargisch berustende houding van haar directe omgeving. Maar ook dat slaat haar niet uit haar lood.

Het lijkt me een immens sterke en warme vrouw waarmee je niet anders kan dan overeenkomen en naar opkijken. Chris die je niet direct kan verdenken van een automatische sympathie voor religieuzen, heeft haar companie gevonden en zoekt het zoveel mogelijk om samen met haar in het ziekenhuis enig nuttige bijstand te verlenen. Sedert gisteren helpt ze mee aan de de controles van de diabetici en de aidspatiënten.
Gewoon gaan werken op de afdelingen zou werkelijk door de grote afstand in verzorgingsgewoonten en cultuur niet haalbaar zijn en dus is zij heel blij in het gezelschap van Cécile te kunnen ‘helpen’en toekijken,al is het met de administratie.

s’Avonds als het al aan het donkeren is heeft Cecile dan weer het lot aangetrokken van een kindje op de pediatrie dat met malaria is binnengekomen en waarvoor ze de medicatie in de apotheek niet meer voorradig hebben. Dus maar samen met Chris naar de stad rijden om daar die medicatie te zoeken. Na 2 ritten hebben ze de medicatie mee en stellen we voor om het naar de pediatrie te gaan brengen terwijl zij nog ander werk verzet. Wij samen naar het ziekenhuis. De aanblik van de pediatrieafdeling is zoals de vorige dagen niet aan te zien. Op de afdeling voor zo’n 50 kinderen zijn momenteel 230 kinderen opgenomen. De moeders met de kinderen liggen buiten in de loopgangen op de beton of op het gras naast het pavilioen. in de gang naar het verpleeglokaal is het chaotisch. ettelijke moeders staan nog aan te dringen om binnen te kunnen. We murwen ons met die medicatie naar binnen en daar… ligt een kind dood op de grond met een jammerende moeder.Als we de medicatie afgeven weten ze niet wat doen want waar zou Esperanza (het kindje met malaria) te vinden zijn, en het is hier al zo chaotisch druk.Die aanblik van het dode kind bijt zich vast in ons gemoed en verslagen keren we terug naar het klooster.
Als we het aan Cecile vertellen komt er weer een van die moedeloze opmerkingen over het onvermogen en de gebrekkige deskundigheid in het ziekenhuis. Maar Cecile doet voort, onvermoeibaar.
na het eten stellen we haar voor om met ons een gezelschapsspel mee te spelen, wat ze al eens deed met ons. Ze is zeer blij met dit voorstel en wij zijn blij dat we met ons werk in het klooster en ons gezelschap voor Cecile , voor haar een riem onder het hart zijn.
Als we hier dat al zouden kunnen betekenen, dan zou ik al heel tevreden zijn. Zij verdient eigenlijk een standbeeld….

enkele foto’s

De markt

Kinderen onderweg in het dorp

Wie lust maden?’

Gerda waagt zich aan een dansje

Uitstap naar de markt

Voor een zondag waren we vroeg uit de veren, De afspraak was om te ontbijten om 7 uur en om tegen 7:30 in de parochiemis toe te komen. wij waren op tijd, de pastoor was nog bezig met de eerste mis. Pas om 8 :00 konden we de kerk binnen en rond 8:15 is onze mis begonnen. Deze werd opgeluisterd met congolese muziek, een jongenskoor. het was aangenaam om dit mee te maken maar vele gesprekken en lezingen waren in het kikongo. Dit is het dialect van de streek. Uitzondelijk was de preek zeer kort en de mis eindigde om 9:30. Op het einde van de mis werden we verwelkomt, ze verwachten dat wij zouden rechtstaan, maar we hadden het niet begrepen. Eens terug thuis maakten we ons op voor een bezoek aan de markt in Kintanu. we zijn op zoek gegaan naar panjestof voor een rok, voor Zr Cecilia. Na vele overwegingen, de gepaste kleur, er bestaan ook verschillende kwaliteiten, de nederlandse is blijkbaar de beste maar niet de goedkoopste naar onze normen toch nog goedkoop . Een bezoek aan de markt is altijd een drukte van jewelste,Er is veel volk, de vrachtwagens rijden voorbij langs de grote baan Overal speelt er muziek en elk probeert zijn producten te verkopen met de nodige animatie. Rond 13:00 werden we opgehaald door Zr Cecilia, ze verwent ons en ze had graag dat we s’middags terug thuis waren. Dit was een gelukkig toeval,want er kwam juist op dat moment een goeie regenbui tot een hele tijd in de namiddag.
Thuis aangekomen konden we kennis maken met Jan en Paul van Lumos( een ngo organisatie van het universitair ziekenhuis van Leuven. Beide personen doen onderzoek naar werking van het ziekenhuis, zij verglijken dit met andere plaatsen in Congo. Zij hebben maar een doel Het ziekenhuis beter maken voor de patienten. Het ziekenhuis hier is in handen van Memisa en Lumos die samen met het personeel instaan voor de goede werking. Het grootste probleem hier in het ziekenhuis is de pediatrie. Er zijn 50 bedden beschikbaar en er zijn nu 225 kinderen, allen op de grond met hun moeder.

Maandag 27 januari werkdag

We zijn al helemaal ingeburgerd en zien wat er kan gedaan worden. Jean Paul en Jef beginnen aan de schilderwerken, afwrijven,van de kamerdeuren is een hele karwei.
Alle onderkanten zijn versleten en de houtwormen doen hun best. We gaan op zoek om dit te herstellen in technische dienst van het hospitaal. We moeten plankjes hebben van 1 cm dik, 78 cm lang en 9 cm breed,we vinden dit daar en ze zagen alle op maat voor ons, nog wat lijm vragen en we kunnen de deuren herstellen. Intussen vinden we een product om de wormen weg te krijgen. in de namiddag kunnen we dan de nieuwe stukken vernis primer geven. tussenin is er bezoek van kindjes die gesponsord worden door mensen van bij ons. We trekken een mooie foto ,vragen naar welke school ze gaan en in welke leerjaar ze zitten. Op het einde van de dag hebben we een 3 tal deuren opgefrist. We zijn tevreden met het resultaat. Morgen doen we verder.
Chris en Gerda zijn heel de voormiddag bezig geweest om zoveel mogelijk te sorteren in de voorraadkamer, een prachtig werk als dit gedaan is maar naar onze gewoonten en normen soms heel moeilijk in te schatten wat hier nog gebruikt kan worden. In de namiddag komt Emilienne ons uit nodigen om eens haar studentenkamer te bezoeken,Chris en Gerda gaan graag mee, een uurtje stappen op oneffen drukke wegen, we worden gegidst door Emilienne. Zij is studente geneeskunde en zit nu in haar zevende jaar, ze komt uit een gezin met 8 kinderen zij is de oudste, haar vader is drie jaar geleden gestorven ,haar moeder staat er dus alleen voor . enkele van haar broers of zussen zouden ook nog willen verder studeren maar de afspraak is dat elk zijn beurt moet afwachten, twee studenten in een keer kan de mama niet betalen dus…. wachten . Ze woont op een studentenkamer een ruimte van 3 op 4 m, dat is haar living,keuken en slaapkamer alles in één ruimte met het nodige materiaal erbij.Haar matras ligt gewoon op de grond, een bed is er niet Een ingrijpende ervaring zo zie je maar eens waarmee zij moeten tevreden zijn. Nu de wandeling naar de missiepost terug juist voor het donker is zijn we terug thuis. Emilienne mag nog bij ons blijven eten, de gastvrijheid is hier groot, We sponsoren haar om met de taxibrommer terug thuis te geraken, voor 500 congolese frank kan dus o,30 eurocent, voor ons bijna gratis voor hen ????

Dweilen met de kraan open

Deze morgen startten wij allen met de eerste klusen: De vrouwen zetten hun zinnen op het ordenen van de chaotische bergruimte waar kledij, werkmateriaal en zakken bloem, enz opgestapeld zijn. (Muizen gegarandeerd, wat voor Chris toch wel een te overwinnen weerzin gaf….)

Een ding ter inleiding: de chaos buiten spiegelt zich ook in de chaos met materiaal binnen) Orde is blijkbaar een woord dat in het kongolese woordenboek ontbreekt. Dingen herstellen evenmin. Zolang het ding voor “iets” dienst doet wordt het gebruikt.; weten ze er geen weg meer mee dan wordt het op zijn best aan de kant gezet of buiten op straat gezet. Sommige dingen worden dan deskundig uit elkaar gehaald in de hoop er iets bruikbaars uit te filteren.
Met deze cultuur werden we vandaag uitvoerig geconfronteerd.

In die berging vinden de vrouwen ettellijke dingen waarvan de zusters niet eens meer wisten dat ze die nog opgestapeld hadden. Werkmateriaal slingert er overal tussen…

De keukenmessen, ruim voorhanden zijn bot en blijven bot.

wij: is hier geen slijpmachine? Antw: misschien kan je eens naar de technische dienst van het ziekenhuis gaan, daar zullen ze dat wel hebben…. Wij  (de mannen) daarnaartoe. “Technische dienst” blijkt een woord op een hangaar, maar voor de rest een opeenstapeling van oud ijzer met daartussen 4 werklieden. Ze kijken verwonderd naar die 2 blanken met hun stapel messen….. “oei slijpen”….. Ze brengen ons zeer bereidwillig naar een muur waar een soort slijpschijf dienstig voor het doorslijpen van metaal hangt. Als ze het gevaarte aanzetten wiebelt de schijf vervaarlijk. Ik doe teken dat een slijpsteen toch wel onze voorkeur wegdraagt. Neen dat blijken ze niet te hebben maar weerom super bereidwillig  loodst compagnon …. ons door het ziekenhuis naar de “orthopedische werkplaats” waar looprekjes, krukken, orthopedische schoeisels enz  gemaakt worden. Ook hier hetzelfde beeld een chaotich stapel van allerlei materialen en ijzer. Maar tegen de muur begot een slijpsteen. Ze kijken geanimeerd toe en ook verwonderd hoe we zelfs de aftandse schroevendraaiers uit de werkkoffer weer recht kunnen slijpen en op dikte.

Als we terug zijn troont zuster Cecile ons mee naar haar consultatieruimte in het ziekenhuis waar een aantal rugleuningen van stoelen deskundig in een hoekje liggen te vergaan. We kunnen die rugleuningen weer mooi herstellen zonder probleem. En wonder boven wonder ineens duikt in die berging die de vrouwen aan het orden zijn…. een mooie electrische slijpsteen op!!!!!

Ondertussen horen we van Cecile het wat moedeloze verhaal dat ze hun personeel (ook in het ziekenhuis en in de scholen) steeds moeilijker betaald krijgen. De overheid legt hen een verdubbeling van de lonen op en eist daarnaast van het klooster als bedrijf allerlei taxen op voor hun “economische activiteit”. Laatst hebben ze al hun konijnen uit de hokken geslacht en aan de armen bedeeld omdat ze gingen moeten per konijn taxen betalen…. De zuster moeten soms vasstellen dat ze evenveel keer als ze mensen kunnen helpen ook door hun personeel worden opgelicht Bij het ontslaan van personeel dat soms echt disfunctioneert, worden soms torenhoge ontslagpremies opgelegd door de overheid. De zuster klonk wat moedeloos maar we hebben tegelijk enorme bewondering voor haar doorzettingsvermogen en geduld om in die chaos de zwaksten te blijven helpen.

In de namiddag begeleidde ze ons door het vrij grote ziekenhuis. Weer een ervaring op zich die we ons als westerling onmogelijk kunnen voorstellen. Het ziekenhuis bestaat uit een 20tal “hangaarachtige” gebouwen  waarin afgewisseld meerpersoonskamers en zalen volgestouwd zijn met bedden die duidelijk een gift zijn van buitenlandse ziekenhuizen. Daarop ligt “op zijn best” een matras met laken, maar evengoed een blote matras, of een tot mousse gereduceerde matras waarop dan de zieken liggen. Daarrond de familie die moet instaan voor de voeding en de hygienische zorgen vaak op de grond voor naast of in het bed. De verwondingen zien er echt wel deskundig en mooi verzorgd uit, dat is het enige wat het verpleegkundig personeel doet en dat gebeurt naar onze indruk goed. Het ziekenhuis is vrij groot en heeft blijkbaar een goede naam (men komt soms van Angola om hier te worden geopereerd en verzorgd) maar de gebouwenaccomodatie ziet er niet uit. Afhangende deuren (die niet hersteld woren, weet je wel ondertussen), open ramen die uitgeven op de open riolen tussen de gebouwen. Zuster cecile heeft vooral de diabetes en aidspatienten onder haar hoede en dat doet ze blijkbaar vol overgave .

De materniteit en pediatrie is dan weer hartverscheurend: honderden kinderen; Er is een overvolle prematurenafdeling met 2 couveuses waarin soms meerdere babys liggen. In een bedje een vannacht geboren drieling waarvan de moeder die zuster cecile kent blijkbaar overleden is. Dit lokt weer een bittere teleurgestelde opmerking uit bij die kranige vrouw. pas bevallen moeders op mousse met hun piepklein babytje.

Je kan honderden dingen en indrukken vertellen te lang om hier te beschrijven en omdat de moedeloosheid ook ons na dit bezoek besluipt stop ik er hier maar mee. De volgens Cecile toenemende armoede  en ellendige economische situatie maakt de ellende steeds groter. Daartussen werken moedige mensen zoals onze zusters om voor de armsten ergens een verlichting te betekenen maar het lijkt “dweilen met de kraan open”. Als onze steunorganisaties, zoals onder andere Memisa” die nu het ziekenhuis runt, de nood steeds minder kunnen lenigen en soms ook nog door nieuwe overheidsmaatregelen tot wanhoop gedreven woren. “(We hebben echt het geld niet om daaraan tegemoet te komen”).

Toch besef je: neem deze initiatieven weg en wat dan???

En toch valt telkens ook weer de levenskracht van deze menen op, hoe ze zich door deze omstandigheden wringen. En veel zullen we als westerlingen ook niet begrijpen van hoe ze toch functioneren in deze chaotische omstandigheden.

Blijven dweilen dan maar denk ik….

Rustdag

Het dagschema start vroeg hier in het kloostertje: om 6h30 opstaan en om 7h ontbijt. De zusters zijn dan al van om 5h op en om 5h30 hebben ze een mis met tamtamgeroffel die hun gezangen begeleidt. De kapel is toevallig net boven ons slaapkamertje dus…….

En dan begonnen we onze eerste jobjes maar we mogen alles op ons gemak doen. De zuster heeft een lijst nodig voor een 50tal onbemiddelde inwoners van de buurt die elke maand een maandrantsoen voedsel mogen komen halen. Dit wordt met datum aangetekend op een fiche die ze bijhebben . Alles samen staat dan weer in een tabel om aan te stippen wie langskwam. Die beide documenten had Zr Cecile nu graag in een excel-document en dus werd dat mijn eerste jobje. Met al die vreemde congolese namen bleek dit geen sinecure. Jef naast me controleerde nog eens de lijst van de sponsorkinderen. Onze beide vrouwen trokken zich terug in de strijkkamer (kwestie van de rolpatronen hier toch een beetje te respecteren)

Het eten hier in het kloostertje is ruim voldoende, geen sterrenkeuken en volgens Jef en Gerda meer kongolees dan bij hun vorige bezoeken. Rare onbekende groentencombinaties, eend,  kip, vis, pikante sausjes, rijst, soep…. We komen niets tekort. Waar het zeker niet aan ontbreekt zijn de supperlekkere vruchten en vruchtensalades: papaya, banaan,mango, couer de boeuf (een soort peer); lycees, mangoestan (zoek het maar eens op;superlekker). Je mag van ver ook eens watertanden ze zijn in overvloed beschikbaar.

Na de siesta (het is hier bloedheet, en na de middag is werken wel iets zwaarder ) gingen we met Jef en Gerda een wandeling maken naar het dichtsbijgelegen “dorp”:

Een mengeling van kleuren, vrouwen, mannen kinderen iedereen leeft op straat en zit voor de honderden kleine winkeltjes en handelszaakjes. Je wordt als blanke tussen die chaotische wereld van alle kanten begroet en bekeken. Zeker de kinderen zwaaien van ver (uitgenomen de peuters die bang weglopen tegen hun moeder, bang voor die blanke monsters).
De” weg” waar die wemelende kinder en mensenmassa op leeft is (op zijn best!!!) een zandweg maar vaak zijn het meer diepe kuilen en bulten en stenen. Eenmaal op de “hoofdweg” (een wat bredere identieke zandweg) neemt deze bonte mengeling nog toe, maar rijden er tot torenhoog gevulde camions waarop dan nog eens een 20tal jongeren joelend bovenaan meereizen. Langs die weg weer beiderzijds winkeltjes waar op zijn best op tafeltjes maar ook op de grond etenswaren liggen uitgespreid die aangeprezen worden door de boerenvrouwen van de omgeving. Naast zo’n kraam hier en daar stalletjes met literflessen benzine ten behoeve van de honderden “taximoto’s” waarop soms een gezin met 5 samengeperst op de zitting plaats heeft laverend tussen, kuilen, hopen afval en de mensen. Wat verder dan weer een “naaiatelier”, een coiffeuse, een schoonheidsspecialiste, begrafenisondernemer ( hier een succesvolle onderneming blijkt) allemaal eenmanszaakjes met kleurrijk op de muur geschilderde etalages. En om de sfeer helemaal goed te houden schalt hier en daar van die kongolese muziek uit aftandse luidsprekers en biedt een klein hokje met terras dranken aan. M.a.w. een bonte wemeling van leven en ondernemen.

Vooral de vele kinderen zijn schattig en zou je allen op de foto willen zetten, wat ze meestal superleuk vinden . Magere kippen, honden, geiten en katten kruisen dan weer dit gedoe om hun magere kost uit de afval te gaan scharrelen.

Het is een wereld die wij ons als westerling onmogelijk konden inbeelden (ook al waren we bijvoorbeeld al in Indonesie, Paraguay en Thailand – het is er niet mee te vergelijken). Ik liep er vaak vrij onwennig in rond en laat alle geuren, kleuren , sfeer en indrukken binnenstromen met verwondering.